Vroeger was ik een voetbalsupporter.
Een supporter tussen aanhalingstekens dan, want het ging mij vooral om de sensatie.
Zeg maar, rotzooi trappen.
Weinig goede herinneringen heb ik eraan over gehouden.
Vooral heel veel slechte!
Een goede herinnering betrof een ludieke actie.
Ik had een half brood het stadion in gesmokkeld, met als doel de meeuwen te voederen die altijd in grote getale aanwezig waren.
Zo zou ik eens goed de aandacht op mij kunnen vestigen, iets waar ik in die tijd nogal behoefte aan had.
Nou dat is mij gelukt ook, de wedstrijd was nog maar net begonnen, of het zag in een mum van tijd wit van de meeuwen, het leek wel een sneeuwstorm.

De wedstrijd moest er zelfs eventjes voor worden stil gelegd.


 ———————————————————————————————————————————————————————————————————————

Een van mijn slechtste herinneringen, was de treinreis naar amsterdam.
Een avondwedstrijd tegen Ajax.
Ik was zelf geen lievertje en was vaak aan het treiteren.
De jongens waren er altijd op gebrand om mij eens flink te grazen te nemen.
Zo stak ik bij het verlaten van Utrecht CS mijn kop buiten het raam om iets onbehoorlijks te schreeuwen.
Een van die gasten heeft toen snel het raam dicht gedraaid, zodat ik met mijn hoofd klem kwam te zitten.
Ik heb de hele reis kunnen doorstaan, maar je moet niet vragen hoe.
Het was koud, en doodeng om al die palen langs je kop te zien flitsen.
Ookal wist ik dat ik niet geraakt kon worden, maar dan toch.
Vanuit het raam naast mij, spuugden ze roggels in mijn gezicht.
Ik dacht nog,”gelukkig Ajax en geen MVV.”
De spoorwegpolitie kende mij inmiddels ook al enige seizoenen.
Ook hen had ik veel getreiterd, ze keken de andere kant op.
Menige blaas werd geledigd, vanuit het zelfde raam van waar de roggels kwamen.
Jah, je moest wel wat over hebben voor je clubje.